Trainee Kasia Uchman

‘Ik maak de bouwplaats slimmer met sensoren, algoritmes en machine learning’

Na leerzame omzwervingen in Verenigd Koninkrijk, Delft en New York streek Kasia Uchman neer in Rotterdam, als TBI-trainee op een bouwproject met een on-Nederlandse ‘big city vibe’: Little C. Daar, op een verkeersknooppunt langs de Coolhaven, onderzoekt ze hoe de bouwplaats slimmer kan worden gemaakt. Met sensoren, data, algoritmes en machine learning.

Wat deed je hiervoor?

‘Op mijn achttiende verliet ik Polen om Architecture & Civil Engineering te studeren aan de University of Bath in Verenigd Koninkrijk. In het derde jaar nam ik deel aan een uitwisselingsprogramma met de TU Delft. Dat was erg boeiend en daarom kwam ik na mijn afstuderen weer naar Nederland voor een master Bouwkunde aan de TU Delft. In die periode maakte ik voor mijn zus, die aan de New York University studeerde, een ontwerp van een havenkade die herontwikkeld zou worden. Haar docent, tevens chief urban designer of New York City, zag meteen dat zij die niet gemaakt kon hebben en bood mij een baan aan bij het Stevens Institute of Technology. Daar werkte ik een jaar mee aan een groot project voor het ‘opbouwen van stedelijke veerkracht en verduurzaming’ in New York. Boeiend daaraan was de holistisch benadering: als je bijvoorbeeld vaststelt dat er een betere waterkering moet komen, kijk je ook of de bewoners in dat gebied zwemles moeten krijgen.’

Wat deed je terugkeren naar Nederland?

‘Ik wilde nog afstuderen aan de TU Delft en had inmiddels ook ontdekt dat in Nederland op een heel systematische, maar ook open en samenwerkende manier wordt gewerkt. Dat is heel effectief. In de VS lopen de verbindingen tussen alle betrokken partijen en de politiek veel stroever, wat ook wel met de schaalgrootte te maken heeft. Maar dat maakte wel dat ik na mijn afstuderen in Nederland wilde gaan werken. Ik begon als junior projectcoördinator bij een Pools bouwbedrijf dat in Nederland actief is. Na ruim anderhalf jaar kende ik het klappen van de zweep en wilde ik iets anders. Ik had alleen nog geen idee wat. Ik wist alleen dat ik hield van duurzame projecten met een grote impact op de samenleving.’

Dus wat toen?

‘Een studiegenoot had een TBI traineeship gevolgd en was bij een TBI-onderneming in dienst getreden. De begeleiding en de veelheid aan bedrijven waar je kunt werken, sprak me enorm aan. Ik solliciteerde en mijn eerste gesprek was meteen met twee directeuren. Voor mij geeft dat aan hoe serieus je wordt genomen als trainee. Met hen sprak ik over wat mij boeit aan de bouwsector. Ik denk namelijk dat deze bedrijfstak achterloopt op bijvoorbeeld de logistieke en financiële wereld. Zo zou er veel preciezer kunnen worden gepland.’

Je gooide maar meteen de knuppel in het hoenderhok?

‘Nou ja, ik zei wat ik had gezien in mijn vorige functie en werd aangenomen. Ton Vaags, de directievoorzitter van J.P. van Eesteren werd mijn mentor. Hij wees me op verschillende initiatieven die onder de noemer ‘de slimme bouwplaats’ liepen. Daarbij worden sensoren ingezet op diverse bouwmiddelen om zo data te verzamelen, die te interpreteren en daarvan te leren hoe het werk efficiënter kan worden uitgevoerd. Ik had in New York ook met sensoren gewerkt dus werd daar meteen enthousiast van. Bij het Rotterdamse project Little C wilden de TBI-bedrijven J.P. van Eesteren en ERA Contour sensoren gaan inzetten op de vier torenkranen dus dat was een perfecte plek voor mij.’

‘Je kunt hier overal jezelf zijn’

Wat is daar dan jouw uitdaging?

‘Little C is een groot binnenstedelijk bouwproject met grote risico’s. In een strakke planning moeten talloze kritische werkzaamheden worden uitgevoerd. Daar is veel te leren. Dat geldt voor de aanvoer, maar ook voor de bezetting van het materieel op de bouwplaats. Het kan al gauw gebeuren dat een torenkraan een uur per dag stilstaat vanwege verschillende, onvoorziene factoren. Als vier kranen dat drie jaar lang doen, heb je het over heel veel geld. De effectieve activiteit van de kranen zijn we nu met sensoren aan het meten. Naast sensoren op de kraan zijn we van plan om de hijsbegeleiders uit te rusten met bodycams. Daarnaast worden alle transporten, die op de bouwplaats komen, real-time gemonitord.’

Dat levert heel veel data op. Wat doe je daarmee?

‘De beide datastromen willen we in een  interactieve ‘game environment’ verwerken zodat we het projectmanagement en het uitvoeringsteam een 3D inzicht kunnen geven in de bezettingsgraad van de kranen is en de efficiëntie waarmee we werken. De volgende stap is dat we op basis van deze metingen een algoritme ontwikkelen waarmee we de verhouding tussen planning en uitvoering kunnen zien waardoor we inzicht in verbeterpunten krijgen. Ook willen we hier ‘machine learning’ aan toevoegen waardoor het programma ook aanbevelingen kan doen voor het nemen van dagelijkse beslissingen in de uitvoering.’

Gaat dit alleen nog over het hijskraangebruik of over meer?

‘Dit gaat nu alleen nog over het gebruik van de hijskranen maar dat heeft invloed op bijna alles wat er op de bouwplaats gebeurt. Nu verlopen veel kleine dingetjes niet optimaal die je maar laat zitten omdat je niet de mogelijkheden hebt er iets mee te doen. Met de juiste informatie kun je wel ingrijpen. Stel, een kraan moet een halfuur wachten op een bepaalde lading. Dan kan hij voor iets anders worden ingezet. Maar dan moeten de juiste mensen wel weten dat de geplande lading een half uur op zich laat wachten.’

Bestaat zo’n programma al?

‘In andere branches bestaat wel iets soortgelijks, maar voor de bouwwereld is dit een redelijk nieuwe ontwikkeling.’

Kun je iets vertellen over de begeleiding?

‘In het dagelijks werk word ik begeleid door de projectmanager van Little C en voor vragen kan ik bij mijn collega’s van het realisatieteam terecht. De grotere vragen, over mijn loopbaan en mijn toekomst, deel ik met mijn TBI-mentor. Mijn coach bewaakt met mij mijn persoonlijke leerdoelen. Vanuit de TBI acdmy krijgen we zeven keer een tweedaagse training en een aantal themadagen. In de trainingen gaat het vooral over persoonlijke vaardigheden, zoals hoe je jezelf presenteert of profileert. Ik heb daar bijvoorbeeld geleerd hoe ik een pitch moet opbouwen en hoe ik de essentie uit een verhaal kan destilleren. Zaken die je meteen kunt toepassen. Verder heb ik steun aan mijn mede-trainees. Binnen de traineegroep zijn we ook in kleinere buddy-teams verdeeld, waarin we alles kunnen bespreken.’

Heb je iets ontdekt over TBI dat je niet wist of dat je verraste?

‘Wat ik ontdekte is dat de TBI-ondernemingen, ook al is hun aanpak soms heel verschillend, uitstekend samenwerken. En als je met een nieuw idee komt, dan vind je overal een luisterend oor; men wil je verder helpen. Ook heb ik ontdekt dat je overal jezelf mag zijn. Alleen op bouwplaats merk ik soms wel dat ik een jonge vrouw ben. Daar moet ik meteen een goed verhaal hebben om serieus genomen te worden. Daarin loopt Nederland achter op Polen waar vrouwen veel beter in alle geledingen zijn vertegenwoordigd en dus niet als ‘anders’ worden gezien.’

Weet je al wat je volgende werkplek zou moeten worden?

‘Ik zou graag aan de voorkant van een project aan de slag willen gaan, in projectontwikkeling en tendermanagement. Op die plek hoop ik nog beter te kunnen bijdragen aan ontwikkelingen op het gebied van duurzaamheid, energietransitie en andere grote uitdagingen van de toekomst. Daarvoor zijn er veel mogelijkheden binnen TBI, misschien is er zelfs nog wel iets waaraan ik nooit heb gedacht, maar dat dat juist heel interessant en geschikt voor mij is. Zo is het traineeship uiteindelijk één grote ontdekkingsreis.’