Jolanda Huizing

30 jaar in de bouw. Als timmervrouw. 

Jolanda Huizing werkt al 30 jaar als timmervrouw bij bouwbedrijf J.P. van Eesteren, de aannemer die bekend is van iconische gebouwen als de Rotterdamse Markthal, museum Naturalis en klassiekers als De Kuip en de Euromast. De TBI-onderneming is haar eerste, en wat haar betreft ook laatste, werkgever.

Hoe kwam je in de bouw terecht?

‘Op de middelbare school kreeg je de kans om met verschillende sectoren kennis te maken. Ik liep mee op een kantoor, in de elektrotechniek en in de bouw. De eerste twee vond ik niks. Bij de technische opdracht in de bouw moest ik behangen en dat deed ik meteen perfect. Daarop vroeg de leraar waarom ik niet voor een technisch beroep koos. Met dat advies in mijn achterhoofd ging ik stagelopen bij J.P. van Eesteren waar ik na afloop een leerovereenkomst kreeg aangeboden. Ik ging vier dagen werken en één dag per week naar school.’

Wat vind je leuk aan je werk?

‘Dat je er iets van terugziet. Dit is nu mijn vierde project op De Lijnbaan. Als ik hier loop, zie ik het resultaat. Zo brachten we alle luifels terug in de oorspronkelijke staat, met schrootjes. Dat was in de loop der jaren een allegaartje geworden, nu is het weer een geheel. Mijn eerste klus was de nieuwbouw van de Tweede Kamer, die J.P. van Eesteren nu gaat verbouwen. Dat je aan zoiets bekends werkt, is heel leuk.’

Is het zwaar werk?

‘De afdeling van J.P. van Eesteren waar ik voor werk, doet veel renovaties. Dat is zwaarder dan nieuwbouw waar je veel met kranen en ander groot materieel werkt. Als iets te zwaar is, vraag ik iemand me te helpen. Maar ik doe altijd zelf mee. Ik zal nooit iemand vragen iets voor mij te doen, alleen met mij. Maar het is fysiek werk. En dat is niet voor iedereen weggelegd. Niet voor alle mannen, niet voor alle vrouwen. Ik sta mijn ‘mannetje’, om het zo maar te zeggen.’

Word je als vrouw anders behandeld door je collega’s?

‘We werken veel met onderaannemers waardoor je steeds nieuwe collega’s hebt. Die kijken de eerste dagen naar me met een blik van ‘wat kom jij hier doen?’, maar als ze zien dat mijn vaste collega’s me waarderen en dat ik mijn vak versta, is dat gauw weg.’

Ben je de enige vrouw op dit project?

‘Ja. Er zouden wat mij betreft meer vrouwen in de bouw mogen werken, maar het is niet zo dat ik het nu mis. Ik heb met vrouwen gewerkt waarmee ik geen klik had. Het gaat uiteindelijk om hoe iemand als mens is. Dat bepaalt of je leuk met elkaar omgaat.’

Heb je ooit gedacht aan ander werk?

‘Tijdens mijn zwangerschap liep ik mee met de werkvoorbereiding, op kantoor. Toen werd me gevraagd of ik daar zou willen blijven. Dat wilde ik niet, ik wil naar buiten. Ik ben na de geboorte van mijn dochter wel vier dagen gaan werken, en dat tien jaar lang, daarna weer lekker fulltime. Dit is wat bij me past.’

J.P. van Eesteren is onderdeel van TBI. Merk je daar iets van?

‘J.P. van Eesteren heeft de sfeer van een familiebedrijf. Er zijn ook allerlei extra’s voor het personeel, zoals het J.P. van Eesteren Fonds waar medewerkers in moeilijkheden een beroep op kunnen doen. TBI heeft ook zulke regelingen, zoals een studiefonds voor kinderen van medewerkers. Dat soort zaken vind ik heel netjes. Verder vind ik het een fijn idee om onderdeel uit te maken van een groot en sterk geheel. Ik weet dat er bij nieuwbouw ook veel wordt samengewerkt met andere TBI-ondernemingen. En dat men elkaar dan makkelijk weet te vinden. Maar zelf heb ik dat nog niet meegemaakt.’

Hoe reageren mensen als je vertelt dat je in de bouw werkt? 

‘Altijd verbaasd. Maar de mate van verbazing is in die 30 jaar wel minder geworden. Het idee is nu niet meer zo raar als toen ik begon.’